Bezoek academische website Lode Vereeck Lode Vereeck

Waar is de regering met ons geld naar toe?

zondag 4 december 2016
Waar is de regering met ons geld naar toe? De Standaard maakte dit weekend een interessante begrotingsoefening (zie onderaan) die aantoont dat de bezuinigingen en de nieuwe belastingen achterlopen op het vooropgestelde schema, en dat er nieuwe onverwachte uitgaven zijn (asiel, terreur, langdurig zieken). Dat klopt ook: de regering zit (voorlopig) niet op koers voor een structureel begrotingsevenwicht in 2018. 
 
Uit de berekeningen worden echter wel een aantal foutieve conclusies getrokken. Zo zou van de 9 miljard ‘structurele’ maatregelen, maar 0,6 miljard het structureel saldo verbeteren. Het structureel saldo was in 2014 gelijk was aan -2,2% bbp. Eind-2016 zal het -2,07% bedragen (cijfers EC). Dat is een verschil van 0,13%, ofwel 0,6 miljard euro.

1) Om de begrotingsinspanningen correct te evalueren, moet men inderdaad het structureel saldo analyseren. omdat het nominaal saldo ook onderhevig is aan conjunctuurschommelingen waaraan de regering noch verdienste, noch schuld heeft. Het nominaal saldo vertelt dus weinig over het gevoerde begrotingsbeleid. In de berekening van DS wordt het structurele saldo echter afgeleid uit een lijst van nominale maatregelen langs opbrengstenkant (9 miljard). Dit is niet correct. Daarenboven slaan de 9 miljard uitsluitend op federale maatregelen, terwijl de verbetering van het structureel saldo (0,6 miljard) de gezamenlijke overheid betreft. De bijdrage van entiteit II is dus vergeten.
 
2) Een correcte evaluatie van de begroting vereist ook een duidelijk onderscheid tussen de gezondmaking van de openbare financiën (uit bezuinigingen - we schuiven de factuur niet meer door naar onze kinderen en kleinkinderen) en de tax shift (d.i. de lagere lasten op lonen die gefinancierd worden met nieuwe taksen). Als de begroting dus nog onvoldoende op orde is, moeten we immers weten waaraan dat ligt: te weinig bezuinigingen of te weinig inkomsten. In de berekeningen wordt alles op een hoopje gegooid.
 
3) Maatregelen die genomen worden in het kader van de begrotingsopmaak mogen niet opgeteld worden bij die van de begrotingscontrole. Dat is in de berekeningen van DS wel gebeurd. Een begrotingscontrole is er net omdat bepaalde maatregelen uit de oorspronkelijke begroting niet of onvoldoende gerealiseerd worden. Die maatregelen herstellen dus de oorspronkelijke begroting, ze komen er niet bovenop. Het is dan ook fout te stellen dat de regering maatregelen dubbeltelt.
 
4) Er zitten foute dubbeltellingen in de berekening van DS. Zo wordt - langs de uitgavenkant - de "onderfinanciering van de tax shift" (1,9 miljard) en het "nieuw beleid" (0,9 miljard) bij elkaar opgeteld. Maar uit het artikel blijkt dat het nieuw beleid bestaat uit o.a. de verhoging van de forfaitaire beroepskostenaftrek in de personenbelasting. Dit is echter een maatregel uit de eerste tax shift. "Onderfinanciering van de tax shift" betekent trouwens dat de regering het geld uitgeeft aan lagere belastingen op arbeid, waardoor de netto-lonen stijgen en de loonkosten dalen waardoor er meer jobs worden gecreëerd. Dat klinkt al heel wat positiever.
 
5) Een m.i. meer realistische inschatting is dat tijdens de legislatuur 2015-2019 de structurele sanering van de federale openbare financiën 8,2 miljard euro bedraagt (te spreiden over 2015-2018) en de tax shift 6,2 miljard euro (plus 1,2 miljard in 2020). In de periode 2015-2016 betekent dat dus een bezuinigingsoperatie van +/- 4,1 mijard euro en 'verschoven' taksen van +/- 2,5 miljard euro. Daar staan voor 6,0 miljard nieuwe uitgaven tegenover (lagere loonlasten uit de tax shifts, asiel, terreur, langdurig zieken, ...) en minder inkomsten (door een slechtere conjunctuur). Daardoor wordt het nominale saldo maar met 0,6 miljard opgeschoond. Deze analyse komt ongeveer overeen met de cijfers van DS wanneer langs opbrengstenkant de bedragen van de begrotingscontroles (2,6 miljard) en langs uitgavenkant de zogenaamde dubbeltellingen en niet-gerealiseerde maatregelen (2,5 miljard) worden geschrapt.
 
6) Voor de begroting is niet enkel het nieuwe beleid van tel. Ook bestaande maatregelen lopen door en kosten meer geld. Zo stijgen de pensioenuitkeringen in 2016 met 1 miljard euro en in 2017 met 0,8 miljard. De ziektekosten stijgen van 23,7 miljard naar 24,2 miljard euro. Ondertussen stijgen ook de dotaties van de federale overheid aan de deelstaten. Zo groeit het budget van Vlaanderen in 2017 met maar liefst 5,5% (bij een verwachte economische groei van 1,2%). In het verleden zijn dan ook heel wat facturen blijven liggen: energie, scholen, infrastructuur. Het Monitoringcomité heeft hiermee echter rekening gehouden. Het bedrag van 9 miljard is dus inclusief o.a. de vergrijzing.
 
Conclusie: waar is de regering met ons geld naartoe? Ze heeft het uitgegeven aan meer netto-loon, meer jobs, meer uitgaven voor asiel/terreur/langdurig zieken en ze heeft minder belastingen ontvangen door een lager dan verwachte groei. In nominale termen was 2016 een 'verloren' budgettair jaar. Het is nu zaak om de draad terug op te pikken en het begrotingsbeleid uit te voeren zoals afgesproken, d.w.z. de begroting structureel op orde krijgen door bezuinigingen en de tax shift te financieren met verschoven taksen.
 
 
.jpg .jpg

← Terug naar het overzicht