Bezoek academische website Lode Vereeck Lode Vereeck

N-VA kleinste verliezer

maandag 17 juli 2017  Yves Lambrix

 

Brussel - “Er zijn pro’s en contra’s te vinden voor een afslanking van de parlementen.” Dat zegt professor Lode Vereeck, tevens Senator voor Open Vld. “Gezien de gevolgen hoeft het niet te verwonderen dat N-VA een grote voorstander is.”

Wat is het belangrijkste gevolg van een afslanking?

“De effectieve kiesdrempel in Limburg (percentage stemmen dat een partij moet halen om minstens één verkozene te hebben, nvdr) zou stijgen naar 8 procent voor het Vlaams Parlement en 9,2 procent voor de Kamer. Dat zou vooral een slechte zaak zijn voor de kleine partijen. Door de zetelverdeling volgens het systeem D’Hondt - dat bevoordeelt grote partijen - vallen zij in een kleine kieskring uit de boot. In Limburg zouden Groen en Vlaams Belang uit het Vlaams Parlement verdwijnen. Dat is niet goed voor de democratie, omdat het parlement een weerspiegeling moet zijn van de politieke wil van het volk. Dat kan worden opgelost door ofwel af te stappen van het systeem D’Hondt en de zetels zuiver proportioneel te verdelen, ofwel naar een grotere, Vlaamse kieskring te gaan.”

Wie heeft er belang bij een afslanking?

“De vermindering van het aantal zetels vergroot vooral de politieke macht van de grote partijen. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat N-VA een grote voorstander is. De meeste andere partijen vallen in Limburg terug op nul, één of twee verkozenen. Vanuit een politiek-strategische logica hebben zij er dus minder belang bij. Weinig verkiesbare plaatsen betekent ook dat het lijsttrekkerschap van cruciaal belang wordt. Zolang de lijststem bestaat, hebben andere kandidaten weinig kans om verkozen te geraken. Dat is weinig democratisch en daarom pleit Open Vld voor de afschaffing ervan.”

Is een vermindering wenselijk?

“In een democratie ligt de macht - in principe - bij het volk. Vandaag is de macht vooral in handen van de regering, de bureaucratie en de partijen. Er moet dan ook een sterk tegengewicht zijn, dit wil zeggen voldoende vertegenwoordigers van het volk, dat de overheid streng controleert en desnoods haar (te) grote macht aan banden legt. De vraag is dus of de belangen van het volk beter verdedigd worden door minder volksvertegenwoordigers.”

Wordt er beter niet bespaard?

“De democratie functioneert niet beter met minder vertegenwoordigers van het volk. Maar natuurlijk kan er bespaard worden op de werking van onze parlementen. Daarvoor moet er eerst en vooral worden bespaard op het staatsapparaat. Hoe kleiner de overheid, hoe minder volksvertegenwoordigers er nodig zijn om haar te controleren. Parlementen met beperkte taken, zoals de Senaat, kunnen worden opgeslorpt door de deelstaatparlementen als die haar bevoegdheden overnemen. Er kan en werd ook al gesnoeid in de vergoedingen en pensioenregeling van parlementsleden. Ook de dotaties naar de partijen kunnen worden hervormd. Een sterke democratische controle kan dus zelfs minder kosten.”

Waar moeten er eigenlijk zetels verdwijnen?

“Als het aantal zetels toch wordt verminderd, moet worden nagegaan hoeveel burgers een parlementslid vertegenwoordigt en hoe groot het budget is dat hij moet controleren. Een oefening voor België leert dat er vandaag vooral veel regionale parlementsleden zijn. ” (yl)

Het Belang van Limburg, pag. 2.

← Terug naar het overzicht