Bezoek academische website Lode Vereeck Lode Vereeck

Vrije en eerlijke handel met lage CO2-productie kan

dinsdag 27 juni 2017  Eva De Bleeker en Lode Vereeck

 

Er is wereldwijd een gelijk speelveld nodig waarop minder propere productiemethodes niet langer een economisch voordeel opleveren. Het 'Environmental Goods Agreement' snel afsluiten zou een goede stap zijn, en een tijdelijke invoerheffing evenzeer.

 

Nu de Amerikaanse president Donald Trump uit het klimaatakkoord van Parijs stapt, zoeken de landen die de klimaatverandering wél willen aanpakken een antwoord op die beslissing, die ook economische gevolgen heeft. Bedrijven die niet onderworpen zijn aan uitstootnormen en andere milieueisen hebben immers een concurrentieel voordeel. Ze moeten geen extra kosten maken om die normen te halen in vergelijking met hun concurrenten in de Europese Unie of in andere landen die zich wel engageren voor het klimaatakkoord.

Het beste antwoord is van CO2-vriendelijke producten en technologieën ook economisch de interessantste te maken. Aangezien er vaak veel onderzoek aan voorafging, zijn ze doorgaans nog duurder dan de minder klimaatvriendelijke producten. En ook al zijn de terugverdientermijnen al vrij kort, toch is de prijs voor de consument vaak doorslaggevend.

Eén manier om de prijs van milieuvriendelijke producten te verlagen is de invoerheffingen af te schaffen. Dat is waar 18 leden van de Wereldhandelsorganisatie (WHO), waaronder de EU, China en de VS, de jongste twee jaar mee bezig waren in het Environmental Goods Agreement. Het gaat om producten voor het opwekken van propere en hernieuwbare energie, het verhogen van energie-efficiëntie, het beheersen van luchtvervuiling of het verwerken van afval en afvalwater. De gesprekken zaten in de eindfase en er was bijna een consensus over een 300-tal producten. De verkiezing van Trump zette dat akkoord ‘on hold’.

Sterk signaal

Het zou een sterk signaal zijn mochten België en het Europese handelsblok erop aandringen dat akkoord snel af te sluiten, bij voorkeur met de VS, desnoods zonder. Als de 17 of 18 landen een akkoord bereiken, worden de invoerheffingen op die producten afgeschaft voor alle leden van de WHO die exporteren naar die landen.

Op middellange termijn kunnen we echter verder gaan. Handel is maar vrij en eerlijk als iedereen zich aan dezelfde minimumregels houdt. Er is een systeem nodig dat het concurrentiële voordeel van produceren onder lage milieu- en klimaatnormen aanpakt, in lijn met de antidumpingwetgeving. De 164 landen van de WHO onderschrijven nu al wetgeving die importheffingen toelaat op producten die onder de productiekosten worden verkocht. Verkoop met verlies is immers verboden, omdat het tijdelijke voordeel voor de consument niet opweegt tegen een gebrek aan concurrentie op langere termijn.

In de EU moet een sector die dumping van goederen ondervindt een klacht indienen bij de Europese Commissie en bewijs leveren. Worden de dumping en de schade aan de Europese industrie bewezen, dan kunnen de EU-landen tijdelijk antidumpingtaksen heffen op die producten.

Zo’n systeem kan ook ontwikkeld worden voor producten die geproduceerd worden onder lagere milieu- en klimaatnormen. Net als bij antidumping zou het gaan over specifieke producten uit bepaalde landen die een oneerlijk concurrentieel voordeel hebben omdat ze niet aan de internationale normen voldoen. Na onderzoek kan dan beslist worden een tijdelijke taks te heffen op die producten om het voordeel van minder propere productie weg te poetsen. En net zoals bij antidumpingonderzoeken kunnen bepaalde bedrijven afzonderlijk bekeken worden. Voldoen ze wel aan de normen, dan worden ze vrijgesteld van de heffing.

Het is lovenswaardig dat de huidige leiders, op Trump na, zich engageren om onze planeet leefbaar te houden voor toekomstige generaties. Toch kan dat enkel als de landen hun economische ontwikkeling niet ten koste laten gaan van hun klimaatengagement. Daarom is wereldwijd een gelijk speelveld nodig, waarbij de minkosten van minder propere producten en technologieën niet langer een economisch voordeel opleveren, net zomin als dumping of kinderarbeid.

Voetbal

Op een gelijk speelveld kan nog altijd hard gestreden worden. De internationale normen zijn voor iedereen gelijk, maar niet hoe ze gehaald worden. Landen en bedrijven blijven vrij om zich naar eigen goeddunken te organiseren om die normen te halen. Het Canadees-Europese handelsakkoord CETA is een mooi voorbeeld van hoe de concurrentie volop speelt binnen de normen van het importerende land. Zo is enkel hormonenvrij vlees toegelaten op de Europese markt. Respecteert de Canadese vleesproducent die norm, dan is hij vrij om te concurreren op de Europese markt. Ook in het voetbal gelden dezelfde regels voor elke ploeg, maar blijven ploegen het verschil maken door betere spelers of een betere organisatie. Zo ontstaat een boeiende competitie.

 

Eva De Bleeker is beleidsmedewerker bij de Europese Commissie, maar schrijft in eigen naam. Ze is ook voorzitter van Open VLD Vrouwen en schepen in Hoeilaart. Lode Vereeck is professor economie aan de Universiteit Hasselt en senator voor Open VLD.

De Tijd, pag. 10.

← Terug naar het overzicht